Zo weet je wanneer de grens is bereikt
Als startende leidinggevende vond ik het best lastig om te bepalen wanneer de grens bereikt was. Het gesprek aangaan met iemand die overduidelijk niet goed functioneerde, lukte mij meestal wel. Net als benoemen wat ik niet goed vond gaan en daar afspraken over maken. Het werd voor mij lastig op het moment dat iemand soms wel en soms niet verbetering liet zien.
Diep van binnen voelde en wist ik dat het niet goed zat. Toch wachtte ik vaak veel te lang om het gesprek aan te gaan. Soms hoopte ik op een wonder en veel vaker vond ik dat ik iemand moest belonen voor de kleine stapjes vooruit. Omdat het werk wel gedaan moest worden, compenseerde ik de gaten die vielen door ’s avonds of in het weekend het werk te doen van de medewerker die eigenlijk niet functioneerde. Wellicht herkenbaar voor jou?
Dat kon natuurlijk niet goed gaan. Mijn betrokkenheid bij het individu ging ten koste van mijzelf. Tijdens een leiderschapstraining leerde ik dat drie keer een patroon is. Een stelregel waar ik nog dagelijks plezier van heb en die ik volledig geïntegreerd heb in mijn programma’s.
Het werkt heel simpel: constateer ik drie keer hetzelfde gedrag met een vergelijkbaar effect, dan weet ik dat ik een patroon te pakken heb waarover ik in gesprek wil gaan. Bijvoorbeeld te laat komen of niet voorbereid zijn.
Deze stelregel is een hulpmiddel om zaken concreet en tastbaar te maken én om mij niet te verstoppen, maar uit te spreken over wat ik zie en wat het effect daarvan is. Win-win voor alle partijen.
Wil je meer van dit soort tips? Bestel dan mijn boek: Durf te Verbinden. Het begint bij jezelf.